Als positief opvoeden niet lukt – deze 4 dingen gaan er vaak mis – Leony Vandebelt

Als positief opvoeden niet lukt – deze 4 dingen gaan er vaak mis

Ik werk veel met ouders die graag positief willen opvoeden, maar die het soms lastig vinden om een nieuwe manier te vinden om op te voeden zonder schreeuwen en straffen – die goed voelt én werkt. Positief opvoeden zonder schreeuwen en straffen werkt niet altijd voor iedereen. Sommige ouders proberen positief op te voeden, maar komen er achter dat het lastig is. Of hun kind dan gewoon niet luistert. Andere ouders hebben het gevoel dat hun kinderen verwend worden of over hen heen lopen. 

Als je graag positief wilt opvoeden maar het lastig vindt, heb je misschien nog niet ontdekt hoe het voor jullie wél werkt. Of je hebt onhandige gewoontes die in de weg zitten.

In dit artikel bespreek ik vier van die ‘minder handige gewoontes’ die ik vaak zie, en die er voor zorgen dat positief opvoeden lastig wordt of niet lijkt te werken:

1. De verantwoordelijkheid om je kind blij te maken

Het idee dat ‘positieve’ gevoelens beter zijn dan negatieve gevoelens. En dat je er als ouder alles aan wilt doen om negatieve gevoelens bij je kind zo snel mogelijk te laten verdwijnen. Hoe begrijpelijk dat ook is, je kunt je kind niet alleen maar blij maken. Dat is ook niet het doel of jouw verantwoordelijkheid. Het kan gewoon niet. Bovendien is het emotioneel gezonder en leerzamer om negatieve gevoelens ook ruimte te geven en te leren hoe je daar uiteindelijk beter mee om kunt gaan. Misschien is ‘positief’ opvoeden in die zin ook niet helemaal de goede term.

Meestal weten we dat eigenlijk wel, maar schieten we toch in een soort ‘fix-modus’ zodra ons kind een vervelend gevoel heeft. En vaak is het ons eigen oncomfortabele gevoel dat ons in de weg zit. Het is vervelend om je kind verdrietig te zien. Het is niet fijn als je kind boos is. Dus daar willen we wat aan doen. Dat willen we oplossen. Maar dat gaat in dat geval dan om ons eigen oncomfortabele gevoel.

Ook negatieve gevoelens zijn oké

Het is oké als je kind soms gewoon verdrietig, boos of teleurgesteld is. Het is niet jouw taak om dat zo snel mogelijk te ‘fixen’. Het werkt vaak juist beter om het even ruimte te geven en het eruit te laten. Lekker uithuilen of even heel boos alles eruit gooien, is soms fijner dan afgeleid worden. Niet alleen voor kinderen.

Als je het moeilijk vindt als je kind vervelende gevoelens heeft, geeft dat ook iets aan over de mate waarin je comfortabel bent met je eigen gevoelens. Als jij helemaal oké bent met het feit dat je af en toe ook vervelende gevoelens hebt en die er ook mogen zijn, kun je veel makkelijker ruimte maken voor de vervelende gevoelens van je kind en die er laten zijn.

2. Overbescherming en projectie

In dezelfde lijn ligt overbescherming en projectie.  Stel: Je hebt je in je kindertijd eenzaam gevoeld. Je voelde je ergens afgewezen, niet gezien. En dat voelde destijds voor jou niet fijn. Nu heb je zelf een kind. Het allermooiste, liefste wezentje op de wereld. Dus al jouw instinct wil dat lieve wezen beschermen voor eenzaamheid en afwijzing.  Klinkt logisch toch?  Vaak zijn we ons er helemaal niet zo bewust van dat we dat soort onbewuste pijnplekjes nog hebben. En hoe ze de werkelijkheid kleuren die we waarnemen.

Zo projecteer je je eigen onverwerkte gevoelens snel op je kind. Je bent – in dit voorbeeld – sneller bang dat je kind zich eenzaam of afgewezen voelt. Of je maakt je sneller zorgen over zulke situaties.

Als je peuter lekker in z’n eentje in de zandbak aan het spelen is, heb jij in dit voorbeeld sneller de neiging om dat te voelen als eenzaamheid. Als een ander kindje niet met jouw kleuter wil spelen – omdat dat bij kleuters gewoon heel makkelijk en wisselvallig is – dan voel jij de afwijzing die je vroeger zelf voelde. Het kan dat je kind dat zelf ook ervaart. Maar het kan ook dat je kind gewoon even lekker in z’n eentje aan het spelen is. Of wel even teleurgesteld is als iemand niet wil spelen maar het 5 minuten later alweer vergeten is.

Herken je eigen pijnplekjes en neiging tot overbescherming

Kinderen pikken dit soort gevoelens en verwachtingen ook op. Als jij je steeds zorgen maakt over sociale interacties – vanuit jouw eigen ervaringen – gaat je kind zich vanzelf ook zorgen maken. En zo bereik je met overbescherming vaak juist het tegenovergestelde van wat je wil.

Het helpt als je je bewust wordt van je eigen pijnplekjes. Als je leert te herkennen waar je jouw oude gevoelens ziet of voelt, die niet van je kind of van het nu zijn. Vaak is dat best lastig omdat het je blinde vlekken kunnen zijn. Je kunt beginnen om in situaties met je kind die er voor jou pijnlijk uitzien, eerst even een paar keer diep rustig adem te halen en bij jezelf te komen. Is dit een pijn in jou, of is het echt van je kind?

3. Geen duidelijke, persoonlijke grenzen

Maar als ik niet schreeuw, dan luistert mijn kind gewoon niet!” Grenzen vormen een groot onderwerp en of een kind luistert naar je is breder dan alleen gezonde grenzen aan kunnen geven. Maar in het kort komt het hier op neer: Als jij bang bent voor afwijzing, bang bent voor boosheid, een hekel hebt aan conflicten, het belangrijker vindt wat anderen denken dan wat jij zelf denkt… dan werken jouw grenzen waarschijnlijk niet.  Of inderdaad alleen pas als je boos wordt. 

Kinderen voelen alles. Als jij nee zegt, maar niet wil dat je kind boos wordt, bang bent voor een emotionele uitbarsting, twijfelt of je schuldig voelt, dan voelt een kind dat. Als jij ‘nee’ zegt maar dat niet echt voelt, voelt je kind de nee ook niet. Het maakt niet uit wat je precies zegt, je moet je grens of je ‘nee’ ook echt voelen. Dat hoeft niet hard, dat hoeft niet met schreeuwen, dat kan met liefde, maar wel heel duidelijk.

Daarnaast, wanneer jij je grenzen of regeltjes telkens oprekt of elke keer weer een beetje anders maakt, dan ben je niet duidelijk en luisteren kinderen vaak minder goed of hebben enorme uitbarstingen als je het wel een keer probeert om een grens aan te geven.

Als je tegen je kind zegt ‘niet slaan’, maar vervolgens laat je je kind slaan, dan hebben je woorden geen waarde. Als je de ene dag drie verhaaltjes voorleest omdat je kind je daartoe overgehaald heeft en vandaag wil je weer gewoon één verhaaltje lezen, dan is het niet zo gek en te verwachten dat je kind daarover gaat sputteren.

Positief opvoeden voor je kind en jezelf

Consequente, duidelijk grenzen maken het leven van een kind voorspelbaar en veilig. Kinderen gedragen zich vaak alsof ze altijd hun zin willen krijgen. Daar zijn het kinderen voor. Dat wil niet zeggen dat dat ook de onderliggende behoefte is. Vaak is de onderliggende behoefte een behoefte aan duidelijkheid, aan veiligheid, voorspelbaarheid, of een grens waar ze even lekker tegen aan kunnen lopen zodat ze wat gevoelens eruit kunnen gooien.

Als jouw grenzen consequent zijn en je ze zelf ook echt voelt (zonder schuld, twijfel, angst of wat dan ook) dan ben je duidelijk en voorspelbaar en werken je grenzen beter. Positief opvoeden betekent niet dat alles mag. Het is helemaal oké als jij zelf grenzen en behoeftes hebt. En het is ook helemaal oké als je kind daar soms boos of teleurgesteld op reageert. 

4. Bang zijn voor wat anderen denken

Het is een sociaal iets om graag geaccepteerd te willen worden door je omgeving. En er is een gezonde gewoonte om je kind te leren over basic sociaal gedrag. De persoonlijke ruimte van andere mensen, persoonlijke grenzen en gevoelens. En dat je beter kunt voetballen in de tuin dan in de supermarkt, bijvoorbeeld.

Maar soms hebben we ideeën over opvoeding, kinderen of het leven waar andere mensen niet hetzelfde over denken. Of ben je bang dat wanneer je kind zich niet ‘perfect’ gedraagt, anderen denken dat je geen goede mama of papa bent. En we proberen ons dan aan te passen aan anderen. Of gaan dingen doen die eigenlijk toch niet helemaal lekker voelen voor ons. 

We vergeten wel eens dat niemand perfect is. Iedereen is anders en mensen oordelen nou eenmaal. Wat je ook doet, hoe je ook opvoedt, er is altijd wel iemand die het er niet mee eens is. Dus als je toch niet iedereen gelukkig kunt maken en het niet goed kunt doen voor iedereen… kun je net zo goed iets kiezen waar je in ieder geval zelf gelukkig van wordt en wat goed voelt voor jou.

Kinderen zijn ook gewoon kinderen

Daarnaast zijn kinderen ook gewoon kinderen. Dat wil niet zeggen dat je ze zo maar altijd overal hun gang laat gaan. Of dat alles mag. Maar een peuter bijvoorbeeld, is ook gewoon een peuter. Dat wil zeggen dat het zijn ontwikkelingstaak is om te beginnen met langzaam steeds zelfstandiger worden. Voor peuters is dat zich af zetten tegen dingen door nee te zeggen (NEEEE!!! – bedoel ik). 

Daar kun je tegen schreeuwen en straffen maar dat verandert niet dat het ook gewoon peuters blijven. Met heftige gevoelens over (voor ons) kleine dingen en geen impulscontrole. Daar is helemaal niks mis mee. Natuurlijk kan het wel verschil maken in hoe je ergens mee omgaat. Maar een krijsende peuter (of een kind wat zich een keer ‘misdraagt’ of een puber met een keer een grote mond) betekent niet dat jij een slechte vader of moeder bent. Of dat jouw manier van positief opvoeden persé niet werkt. 

Is het je hobby om je peuter te zien liggen krijsen in het gangpad van de supermarkt, omdat we spaghetti gaan eten? Nee. Is het erg dat je kind diep teleurgesteld is over jouw keuze voor het avondeten en daar hele sterke gevoelens over heeft? Ook niet. Maakt het wat uit als andere ouders een mening hebben over jouw krijsende peuter? Ja, als je onzeker bent en het belangrijk vindt hoe anderen over jou denken. Maar dat heeft dan met jou persoonlijk te maken en niet met je peuter of je manier van opvoeden.

Het hoeft niet perfect

Het is oké om dingen op jouw manier te doen, en het hoeft niet perfect. Andere mensen hebben een mening, misschien mensen die dicht bij je staan en dat kan heel lastig zijn. Maar dat betekent niet dat je het anders hoeft te doen voor die andere mensen. Ook niet als jouw manier nog niet altijd werkt. Je bent gewoon jullie weg aan het vinden, op jouw manier, die bij jouw gevoel past. En dat het niet perfect is – in jouw ogen of die van anderen – wil niet zeggen dat het niet ‘goed’ is voor jullie of dat je tegen je gevoel in hoeft te gaan.


Meer Connectie – Minder Stress: 5 praktische tips

Als de ‘positieve stijl’ goed voelt voor jou en je bent op zoek naar tips: ik heb speciaal voor gevoelige ouders en ouders van gevoelige kinderen een mini gids gemaakt over intuïtief opvoeden: 5 praktische doe-tips waar je gelijk mee aan de slag kunt. Je kunt het hier gratis downloaden.

DELEN IS LIEF!

Leony Vandebelt

Leony is een internationale coach, teacher en auteur op het gebied van intuïtief opvoeden. Ze werkt met sensitieve ouders en ouders van sensitieve kinderen die op zoek zijn naar nieuwe inzichten en effectieve tools om kinderen bewust en positief op te voeden.

Click Here to Leave a Comment Below

Leave a Comment: